Wiskundemeisjes

Ionica & Jeanine
 
Slik Internetbureau Rotterdam Internetbureau Rotterdam



  • Laatste Reacties

Categorieën

Archief

Examens


In Onderwijs, door Jeanine

De eindexamens zijn alweer van start gegaan! De eerste wiskunde-examens zijn zelfs al geweest: op de havo werden gisteren zowel wiskunde A als B afgenomen.

studeren

Ik heb de opgaven even voor jullie van de CITO-website geplukt, zodat je ze snel even kunt bekijken. Klik voor havo wiskunde A of havo wiskunde B.

Het examen wiskunde A heeft 1586 klachten opgeleverd bij het LAKS, en wiskunde B 1271, maar dat is nog niets bij het aantal klachten voor het havo-examen Nederlands: 10010!

De vwo-examens zijn pas volgende week, op dinsdag 25 mei. Op het vmbo zijn de examens wiskunde op 21 en 27 mei. Na de examens zijn de opgaven hier te vinden: vmbo en vwo.

7 reacties op “Examens”

  1. Fokko van de Bult:

    Ik begrijp de eerste vraag van het wiskunde B examen niet goed: Hoe moet ik de formule \(\) lezen? Betekent dit dat er 2800 diersoorten zijn met lengte 50cm, \(\) diersoorten met length 75cm, ongeveer 914 met lengte 87.5 cm, enz? Dan zouden er oneindig veel dieren zijn met lengte tussen 50cm en 1m (want voor elke grootte \(\) zijn er minstens 700), wat mij toch vreemd lijkt.

    Ik kan wel alternatieve definities bedenken die niet leiden tot oneindig veel diersoorten bijvoorbeeld \(\) is het aantal diersoorten van lengte minstens \(\), of \(\) het aantal diersoorten met een lengte in het interval \(\), of \(\) is het aantal diersoorten met lengte in \(\). Maar ik kan geen beredeneerde keuze maken tussen deze opties, terwijl ze wel de antwoorden op de vragen verschillend maken (bijvoorbeeld de tweede optie die ik geef zou de afgeleide zijn van de eerste).

    Het antwoord op vraag 1 zal wel 25 zijn (namelijk S voor L=10cm gedeeld door S voor L=50cm), maar dat krijg ik alleen als ik de originele vreemde interpretatie neem of de tweede in mijn lijstje. Geen idee wat ik dan aan het berekenen ben, maar aangezien het vraag 1 is zal ik wel niet te hard moeten doordenken.

    Bij vraag 4 kan ik echter niets zinnigs meer zeggen. Natuurlijk is er geen ander diersoort met precies dezelfde lengte en hetzelfde gewicht als de cavia, het zijn continue grootheden dus de kans dat een ander diersoort exact even lang/zwaar is is 0. Maar dat heeft niets met de gegevens te maken. Anderzijds, om de formules te gebruiken moet ik weten wat ze voorstellen en dat doe ik niet. (Het enige wat ik kan zeggen is dat zowel S als D voor deze waarden groter is dan 7000 wat dat ook moge betekenen).

    En nu kan iedereen zijn eigen stukje over het nut en onnut van tekstvragen op wiskundeexamens weer eens herhalen; maar aangezien dat al zo'n oud en veelbesproken thema is zal ik dat hier nu maar niet weer doen.

  2. Roy:

    Ionica, gefeliciteerd met je proefschrift en met jullie leuke site!

    Heb Wiskunde B gemaakt dinsdag. Je moet inderdaad erg goed in tekstverklaring zijn om de teksten goed te interpreteren. De pot waar de 10 liter grond in moest van vraag 15, bleek na berekening 10,2 liter te kunnen bevatten. Dus ik denk eureka, die grond past daar mooi in. Toch was dat niet het antwoord op de vraag. De Waveswing van vraag 10 komt blijkbaar pas boven water als de sinusoide snijdt met de X as. Dit lijkt me voor water niet realistisch want die golfslag heeft geen vaste periode, daarom had ik het minimum van de sinus van het wateroppervlak als uitgangspunt genomen. Nou, ja het zal aan mij liggen, dat ik punten laat liggen.

  3. johan:

    Ik neem aan dat vwo equivalent kan zijn van een 6uurs cursus wiskunde in België. Die Havo examens zijn blijkbaar een vrij eenvoudig een bieden me dunkt geen meerwaarde om achteraf verder te studeren.

  4. Roy:

    Er wordt over België ook gezegd dat men zo goed is in het dictee Nederlands. Klopt ook niet.

  5. Paul:

    @fokko: Ik was geintrigeerd door je opmerkingen. Aanvankelijk ging ik met integreren aan de slag, en kwam tot allerlei rare 'conclusies' (zoals: Het totale aantal soorten over het gehele domein is minder dan het aantal soorten voor \(\)).

    Na lang nadenken kwam ik niet verder dan dat de formule inderdaad misleidend is, wellicht omdat het hier om een continue functie gaat. Die continuiteit ontbreekt echter in de werkelijkheid. Er zijn niet voor elke denkbare \(\) (dus voor oneindig veel waarden van \(\)) soorten te vinden. En het is ook niet zo dat de som van aantal soorten tussen \(\) en \(\) (op de x-as dus breedte \(\)) dan \(\) maal het gemiddelde aantal soorten tussen \(\) en \(\) is...

    Er is vast nog veel meer, en zinnig(er)s, over te zeggen, maar ik ben ook maar een amateur ;-) Willen de veel deskundiger wiskundemeisjes hier nog iets over kwijt??? Ik vind het nl. wel een kwestie die ik wil begrijpen...

  6. Paul:

    \(\)

    Het gemiddelde aantal soorten bedraagt dus \(\), welke bereikt wordt bij \(\)

    Voor \(\) vinden we \(\)
    Voor \(\) vinden we \(\)

  7. De Examens:

    leuke site en goede artikelen!

Plaats een reactie


Je kunt LaTeX gebruiken in je reactie.
Gelieve antwoorden op puzzels tussen [SPOILER] en [/SPOILER] te plaatsen.