Wiskundemeisjes

Ionica & Jeanine
 
Slik Internetbureau Rotterdam Internetbureau Rotterdam



  • Laatste Reacties

Categorieën

Archief

De Nationale Wetenschapsquiz


In Puzzels, door Ionica

Op zondag 27 december wordt De Nationale Wetenschapquiz weer uitgezonden. Zoals elk jaar wordt er vooraf fel gediscussieerd over de antwoorden. Zo heb ik met mijn vriend (die erg goed is in push-ups) een weddenschap over het juiste antwoord op de vraag: Is het doen van push-ups voor lange en korte mensen even moeilijk? Traditioneel verlies ik dit soort weddenschappen altijd, gelukkig hebben we niet gewed om 100 push-ups...


pushup1

Maar terzake: er staan ook wiskundevragen in de quiz. Je kunt de hele quiz hier vinden.

Vraag 5: Hoe lang duurt het ongeveer voordat een geheim dat eens per uur alleen door de laatste ingewijden wordt doorverteld aan drie nieuwe personen de wereld rond is?

A. Een dag
B. Een weekend
C. Een week

Vraag 14: Wanneer is je verwachte winst bij de Staatsloterij het grootst?

A. Als je een heel lot koopt
B. Als je twee hele loten koopt met verschillend eindcijfer
C. Als je een straat koopt (10 hele loten met verschillend eindcijfer)

7 reacties op “De Nationale Wetenschapsquiz”

  1. Pieter:

    Ja, de wetenschapsquiz is bij ons thuis vaak een verplicht nummer rond de Kerst (net als het Groot Dictee, maar dat hebben we dit jaar gemist). Nu is het natuurlijk niet hetzelfde als Wim T. Schippers (Ernie voor ingewijden) het niet presenteert, maar ach.

    Vraag 5: Vanwege de exponentiële groei verwaarlozen we het 'nieuwe' aspect van de gekozen mensen en het 'laatste' ingewijden van de doorvertellers, en vinden dat 3 ongeveer gelijk is aan e, en vinden zo dat ln(7 000 000 000) = 22.669176, dus een dag.

    Vraag 14: De verwachtingswaarde van de winst bij aankoop van een lot is negatief (anders zou het winstgevend zijn alle loten te kopen), dus hoe minder loten je koopt, hoe hoger je verwachte winst. Of de eindcijfers gelijk zijn of verschillen maakt niet uit: Stel dat je twee loten met verschillend eindcijfer hebt, dan heb je twee kansen van 1/10 op (bijv.) opbrengst € 10, dus verwacht je € 2 opbrengst. Als de eindcijfers gelijk zijn, heb je 1/10 kans op een opbrengst van € 20 (dan win je met beide loten), dus verwacht je € 2 opbrengst.

    De andere vragen vond ik moeilijker - zo ben ik nog steeds niet uit de opdrukvraag.

  2. Jos:

    Ik heb altijd vragen bij dit soort vragen.

    Vraag 5: Hoever reist de gemiddelde persoon in een uur? Als het de wereld ROND moet, dan moet men toch 40.000km in die tijd reizen. Of bedoelen ze dat de roddel zowel oostwaarts als westwaarts gaat? En dat er dus maar 20.000km moet worden afgelegd?

    Vraag 14: Wordt winst in procenten uitgedrukt of in euro's?

  3. Arnout:

    @Jos: Ben het met je eens dat die vragen meestal nog meer vragen oproepen (daarom was ik altijd vrij slecht in multiple choice en veel beter in open vragen). In dit geval lijkt het echter wel duidelijk:

    5: Doorvertellen kun je ook telefonisch of per email, chat, blog, etc, dus dan is de afstand niet relevant.

    14: Winst is altijd in Euro's, winstkans zou het met procenten zijn.

    Succes!

  4. Reijer:

    Vraag 5: Als je het netjes wilt doen dan merk je op dat het totaal aantal mensen dat het geheim weet een meetkundige reeks is:
    \(\)
    Vul in r=3, en stel het rechterlid gelijk aan het aantal mensen op aarde (ongeveer 7 miljard). Oplossen naar N geeft dat N ongeveer gelijk is aan 20,3 uur. Dus inderdaad, binnen een dag.

  5. Ronald:

    Wegen de twee evenveel? Is de langere een vergroting van de lichtere od alleen een uitrekking in de lengterichting?

  6. Horst Gromuller:

    Als niet (echt) wiskundige (maar natuurlijk wel geinteresseerd) kon ik zonder veel moeite deze 2 vragen wel oplossen, terwijl ik meestal het gevoel heb dat ik er helemaal niet uitkom met de wetenschapsquizvragen. Valt weer mee.

  7. Albert van der Schoot:

    Beste Ionica en Jeanine,

    Ik had jullie site weer eens opgezocht omdat ik een vlammende polemiek verwachtte over de behandeling van vraag 14 van de Nationale Wetenschapsquiz. Niet over het antwoord (natuurlijk is je verliesverwachting groter bij aanschaf van meer loten) maar over dat mallotige gedoe met die roulettetafel. Wat had daar nou mee ‘bewezen’ moeten worden? Aan het enige relevante feit (dat de ene speelster twee fiches ‘betaald’ had en de andere één) werd geen enkele aandacht besteed, de termen ‘winst’ en ‘winstverwachting’ werden door elkaar gebruikt, etc. En dat hemeltergende gestotter van de presentator die de beide dames wel even uit zou leggen hoe dat nou zit met die winstverwachting! Ik citeer maar even letterlijk: ‘Eigenlijk is uiteindelijk de winstverwachting altijd kleiner in dit geval dan wat er uitbetaald wordt (…), dus je wint eigenlijk nooit wat … je verliest eigenlijk, tenzij je toevallig wint, maar de winstverwachting is altijd negatief...’

    Enfin, zoals jullie weten ben ik een volbloed alfa, dus ik laat het wiskundig commentaar graag aan jullie over en beperk me tot de volgende twee vaststellingen:

    1) Eigenlijk is uiteindelijk taal altijd veel moeilijker in dit geval dan wiskunde.

    2) De enige Nederlander die beschikt over de verbale capaciteiten om de Nationale Wetenschapsquiz te presenteren is Johan Cruyff.

Plaats een reactie


Je kunt LaTeX gebruiken in je reactie.
Gelieve antwoorden op puzzels tussen [SPOILER] en [/SPOILER] te plaatsen.